De Duivelse Spion: Marokko
Louis Soetaert
26 nov 2022

Marokko kende een woelige aanloop richting het Wereldkampioenschap in Qatar: minder dan 100 dagen voor hun openingswedstrijd tegen Kroatië werd coach Halilhodzic ontslagen en vervangen door Regragui. Deze trainerswissel zorgde ook voor de terugkeer van de Nederlandse Marokkanen Mazraoui en Ziyech, die meteen ook een belangrijke rol krijgen in het Marokkaanse spelsysteem.
Duidelijk systeem met creatieve sterspelers
Met slechts drie oefenwedstrijden voor de start van het WK moest Regragui vooral duidelijkheid brengen. Met een eenvoudig spelsysteem zorgt hij voor een stevige, defensieve organisatie. Op die manier probeert hij de nul te houden en in de aanval vertrouwt hij op de creativiteit van zijn sterspelers.

Marokko speelt in een klassieke 4-3-3 met de punt naar achter. Met Mazraoui en Hakimi van Bayern München en Paris Saint-Germain beschikken ze over twee van de beste backs ter wereld. Zij staan breed tegen de zijlijn tijdens de opbouw om een aanspeeloptie te bieden aan de centrale verdedigers Aguerd en Saïss.

Amrabat is vooral verdedigend belangrijk. Vanuit zijn positie voor de verdediging speelt hij steeds zijwaartse of achterwaartse passes waardoor de aanvallen van Marokko vooral over de flanken gaan. Soms zakt hij uit tussen de twee centrale verdedigers, waardoor zij verder kunnen doorschuiven of een overtal kunnen creëren tegen de aanvallers van de tegenstander.
Het Marokkaanse gevaar komt voornamelijk vanop de rechterflank. Daar vormen Ziyech en Hakimi een driehoek met de dynamische Ounahi. Ziyech zorgt zelden voor diepgang, maar krijgt de bal liefst in de voet gespeeld om vervolgens vanuit stilstand een actie te maken.

Omdat Ziyech de bal meestal tegen de zijlijn ontvangt, zorgt Hakimi voor diepgang met een “underlap”. Hierdoor kan hij de achterlijn dichter bij het doel halen dan bij een overlap het geval zou zijn. Ook Ounahi zorgt graag voor diepgang in deze zone.

Wanneer er meer ruimte is komt Ziyech met de bal naar binnen om met zijn uitstekende traptechniek naar doel te schieten. Vooral wanneer hij in een geïsoleerde één-tegen-één situatie komt, vormt hij een grote dreiging.
Voorin staat de grote Sevilla-spits En-Nesyri. Om hem te bedienen komen er ook veel voorzetten vanop de flanken. De dynamische Amallah en Ounahi proberen mee in het strafschopgebied te komen, zodat ze met hun kopkracht gevaarlijk kunnen zijn. Ook de flankaanvaller van de andere kant komt in deze situaties mee voor doel.

Op de linkerflank heeft Boufal een vrije rol. Mazraoui past zich aan de positie van Boufal aan zodat er steeds iemand het spel breed houdt en een andere speler meer naar binnen staat, in de zogenaamde half-space. Mazraoui speelde in de jeugd vaak als middenvelder bij Ajax en speelt bij Marokko tegen zijn voet. Hierdoor is naar binnen komen als extra middenvelder wanneer Boufal breed blijft vrij natuurlijk.
Wanneer Boufal meer centraal komt, maakt Mazraoui de overlap om te zorgen dat het veld op links toch breed gehouden wordt. Omdat ook Ziyech meestal zeer breed staat, staan Mazraoui en Hakimi vaak tegelijkertijd naar binnen als ondersteuning van het middenveld.
Als de vleugelbacks hoog mee gaan in de aanval, is Marokko kwetsbaar op de flanken bij counters. In dit geval staan Aguerd en Saïss alleen achterin. Vooral wanneer de Marokkanen tegen een zwakkere tegenstander spelen komt deze situatie voor, waardoor de Belgen hier waarschijnlijk niet van zullen kunnen profiteren.

Laag, gedisciplineerd blok
Verdedigend zakt Marokko graag terug in een 4-1-4-1 formatie. De werkpaarden op het middenveld, Amallah en Ounahi, hebben een groot loopvermogen en zijn van grote waarde in het lage blok van Marokko. Marokko zet geen hoge druk op de verdedigers van de tegenstander, maar de flankspelers zakken terug in een laag blok. Hierdoor is het moeilijk om aan kansen te komen tegen de Marokkanen.
De Marokkaanse aanvallers hebben niet de intentie en fysieke capaciteiten om hoog druk te zetten. Hierdoor is het balbezit meestal voor de tegenstander wanneer die voldoende kwaliteit aan de bal hebben. Tegen Kroatië was dit al het geval en ook tegen België zal dit niet anders zijn. Hun lage verdedigende blok zorgt ervoor dat de Marokkanen weinig kansen weggeven, maar zelf ook tot weinig kansen komen.
Doordat de aanvallers van Marokko vooral met hun creativiteit en kopkracht gevaar proberen stichten, zullen ze de kwetsbaarheid van de Belgische verdediging minder uitbuiten dan de Canadezen deden. De diepgang van Davies, Buchanan en David die de oude, Belgische verdediging in de problemen bracht, is niet aanwezig in het Marokkaanse spel. Toch wacht de Belgen een moeilijke wedstrijd tegen een stugge tegenstander waarbij een klasseflits van De Bruyne of Hazard het verschil zal moeten maken.
Beelden van Wyscout